Hoe het begon in 2013




24 april, een stap naar meer democratisch energielandschap in Oost-Vlaanderen?


Overal in Europa worden windmolens gebouwd. Die overgang naar hernieuwbare energie biedt grote kansen om de energieproductie lokaal zelf in handen te nemen.

Wie investeert in windmolens, mag op acht procent rendement per jaar rekenen, volgens de Vlaamse overheid. Wij willen dat dit rendement bij zoveel mogelijk mensen terechtkomt en niet bij enkele bedrijven. Het is tenslotte de bevolking die via de energiefactuur de overgang naar hernieuwbare energie financiert. Ze mag daar ook iets voor terug krijgen.

Wié het recht heeft, een windmolen uit te baten, is een maatschappelijke keuze. Als er op één plaats een molen staat, kan er geen andere meer bij in de ruime omgeving. Ze nemen dan immers elkaars wind af. Het is niet optimaal dat de voordelen van een molen naar enkele spelers gaan en de lasten naar alle anderen. Windprojecten moeten zo opgezet worden dat ze mensen verenigen in plaats van ze te verdelen.

Gebruikers hebben er alle belang bij om windenergie zelf te beheren. Eens afgeschreven kunnen de windturbines immers bijna kosteloos stroom leveren. Op voorwaarde dat niet de winst maar de maatschappelijke meerwaarde centraal staat, zoals dat hoort bij een echte coöperatie.

Dat het anders kan, blijkt in Denemarken of Duitsland waar talloze lokale coöperaties de eigen energieproductie uitbouwen. Vorig jaar werden in Duitsland 150 energiecoöperaties opgericht. Dat is drie per week. We hebben het gevoel dat Vlaanderen op dat gebied achterop hinkt.

Op 24 april dient zich een kans aan om daarin verandering te brengen in Gent en Oost-Vlaanderen.  De provincie bakende een aantal gebieden af  waar de windturbines van de nabije toekomst gebouwd mogen worden. Langs de E40 maar ook in en om Gent. Op 20 maart bespreekt de provincieraad een voorstel om in windprojecten tien procent vrij te maken voor burgercoöperaties en tien procent voor lokale overheden. Dat is bescheidener dan in Wallonië waar onlangs werd beslist dat minstens negenenveertig procent van alle windturbineprojecten worden opengesteld voor investeringen door lokale overheden en lokale burgercoöperaties (elk 24.5 procent).

Wij willen dat deze belangrijke discussie meer aandacht krijgt en niet in de luwte blijft verlopen. Bovendien vinden we dat twintig procent te weinig is. Wij vragen dat op zijn minst vijftig procent van de aanstaande windprojecten wordt opengesteld voor burgercoöperaties en lokale overheden, als die daarin geïnteresseerd zijn. Het voordeel van een coöperatieve aanpak is dat een deel van het rendement ook in de lokale gemeenschap kan worden geïnvesteerd. Een echte coöperatie keert maximaal zes procent uit aan haar vennoten. Ze kan ook minder uitkeren als haar algemene vergadering dat beslist. Alles wat daarbovenuit komt, kan worden geïnvesteerd in de gemeenschap.

De wind is van iedereen. Daarom is ook de windkracht best in handen van zoveel mogelijk mensen. Het is tijd dat hernieuwbare energie ook minder gefortuneerde mensen iets bijbrengt.

Als u vindt dat Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Gent meer ruimte moeten maken voor burgerparticipatie in windenergie, én tevens verder wil betrokken worden bij lokale energiecoöperaties (in Gent of elders), onderteken dan mee deze oproep door uw naam en e-mailadres achter te laten.

Op die manier kunnen we u tevens op de hoogte houden van de verdere evoluties.

!!! Deze oproep is ondertussen afgesloten en het is dus niet meer mogelijk om te ondertekenen. Wil je op de hoogte blijven van EnerGent, neem dan contact op via het contactformulier of schrijf je in op onze nieuwsbrief.

Laatste ondertekenaars :